Preek over Johannes 21:15-17

2005-04-17 v.m.

Ds. A. van der Dussen

Chauffeur van prins Willem-Alexander

Liturgie:

♪ Psalm 95:1, 2, 3
♪ Psalm 25:2, 3
♪ Gezang 381
♪ Gezang 20:7

1. Een onverwachte benoeming

Hoe kun je kansarme, allochtone jongeren fatsoen bijbrengen? "Eigenlijk zou je zo'n veelpleger, ... zo'n jochie tot chauffeur van prins Willem-Alexander moeten maken. Hoe trots zou die niet zijn. ... Ik maak me sterk dat zo'n boefje in één klap genezen zou zijn. Waarom? Omdat je hem een identiteit geeft." Aldus Kees Beekmans, werkzaam aan een zwarte VMBO-school in Amsterdam. (Cyrille Offermans, NRC 23 december 2004) Of hij gelijk heeft en of zijn voorstel werkt? U gaat er maar over discussiëren, maar één ding staat vast: iets dergelijks doet de Here Jezus met Petrus. Petrus de zorg toevertrouwen over zijn schapen, nadat de man Hem zo hopeloos ontrouw was geworden? Zou ú dat doen? Ik denk dat ík zou zeggen: "Ik kijk het eens aan met die man; hij is nu weer enthousiast, maar dat heb ik vaker gezien. Eerst maar eens een proefperiode van 5 jaar, en dan langzaam wat opbouwen." Nee, Petrus tot herder benoemen van de schapen van de Goede Herder - dat is net zo iets aan een Marokkaans boefje aanstellen tot chauffeur van prins Willem-Alexander.

2. Kroon op de vergeving

Wat Jezus doet, is eigenlijk de kroon zetten op de vergeving. Duidelijk is dat Hij hier de bladzijde van de verloochening omslaat. Dat blijkt allereerst uit die drie keer gestelde vraag: "Simon, heb je mij lief?" Drie keer, omdat Petrus Jezus ook drie keer verloochende. Zo wordt de bladzijde van de verloochening metterdaad omgeslagen. Let in de tweede plaats op de locatie: het gesprek speelt zich af bij een vuurtje, vers 9. De verloochening ook, 18:18, 25-27. Jezus roept de gebeurtenis van de verloochening het ware opnieuw op, waarna zij kan plaats maken voor Petrus' betuiging van aanhankelijkheid aan Hem. Het "ik ken hem niet" maakt plaats voor "ik hou van Hem." Dat is vergeving. De zwarte bladzijde wordt omgeslagen; er kan een nieuwe bladzijde worden geschreven. De kroon daarop is dat Jezus Petrus vertrouwen geeft. Wat hij zo ontzettend graag wou, dat realiseert de Heer voor hem: hij mag iets betekenen in het koninkrijk van God. Wat is dat prachtig. Op deze manier kan Petrus echt over zijn schuld heen groeien. Let wel: het is niet zo dat bij goed gedrag de schuld kan worden kwijtgescholden. Zo van: eerst 'bewijzen' dat hij deugt, dan ontslagen worden van de schuld. Nee, het is omgekeerd. Het begint ermee dat Jezus die zwarte bladzijde omslaat en Petrus een verrassend vertrouwen schenkt. Paulus heeft dat genoemd: de rechtvaardiging van de goddeloze (Romeinen 4:5). Het is erg belangrijk dat wij vasthouden aan die boodschap die dwars tegen ons gevoel ingaat: God wacht niet met zijn weldaden tot wij het goed doen, maar overstelpt ons met zijn goedheid terwijl wij nog in de min zitten! Verwacht het toch niet van eigen presteren, van eigen geloof, van eigen overgave!

3. Een nieuwe identiteit

Zo vertrouwt Jezus aan Petrus het herderschap over zijn kudde toe, nog voordat Petrus heeft kunnen bewijzen dat hij Hem nooit meer zou verloochenen. Op basis van dat vertrouwen kan Petrus gaan groeien in zijn nieuwe rol. Dit is de regel in het christelijk geloof: we hoeven niet ons best te doen om zo Gods goedkeuring te verwerven. Nee, God schenkt ons volkomen onverwacht en onverdiend zijn goedkeuring, end aardoor krijgen we de kans ons best te doen! Het begint altijd echt daarmee dat God zijn vertrouwen geeft aan ons. Gods goedkeuring, die mogen we misschien ook horen in die vraag van Jezus: "Heb je mij lief, meer dan de anderen hier?" Dat slaat in dit evangelie niet terug op Petrus' grootspraak dat als anderen Jezus zouden verloochenen, hij trouw zou blijven. Die grootspraak wordt namelijk wel in het evangelie van Marcus vermeld (14:29) maar niet in het evangelie naar Johannes. Men wijst er wel op dat Jezus kan zinspelen op dat enthousiaste 'erin springen' van vers 7. Inderdaad: daar tekent zich een verschil af tussen Petrus en de anderen. Het zou kunnen, dat Jezus dat positief waardeert. Het is dan alsof Hij glimlachend zegt: "Je bent echt door en door aan Mij verknocht, hè Petrus?" Hoe dat ook zij: Jezus laat zien dat zijn vergeving niet alleen negatief is. Hij wendt niet alleen het gezicht af van de schuld. Vergeving is ook positief: een mens wordt door God uitgenodigd om een positieve bijdrage te leveren. Inderdaad: je krijgt een identiteit. Petrus is niet langer de mislukkeling. Hij is een man die iets voorstelt. Medewerker van de Goede Herder - toe maar! Dat is nog groter dan chauffeur van prins Willem-Alexander!

4. Voor vol aanzien

Dit is heel goed nieuws voor ons allemaal, broeders en zusters. Dat positieve van vergeving, dat God niet alleen de zwarte bladzij omslaat, maar ons ook uitnodigt om iets positiefs te betekenen voor Hem - dat is zo stimulerend en blij makend voor een mens. Misschien word je wel nergens meer door verzekerd dat het goed is tussen God en jou, dan daardoor dat Hij je wil gebruiken, dat Hij je inzet en je talenten honoreert. Vergeving is: door God niet meer voor zondaar worden gehouden, maar voor vol worden aangezien. Ongelofelijk! Bedenk dat volgende week als u avondmaal viert. Het is goed om zo ook elkaar te vergeven. We weten allemaal dat het moeilijk is om de kroon op vergeving te zetten. Iemand vergeven is één ding. Iemand vertrouwen geven is iets anders. Soms ontkom je er niet aan om met dat vertrouwen geven even te wachten. Inderdaad - een proefperiode. Het kost soms veel tijd voor iemand die gefaald heeft weer vertrouwen kan krijgen. Maar het is wel heel mooi als het een keer zover komt. Dat de ander weer voor vol wordt aangezien.

5. Gunst, geen recht

Dat is dan wel een gunst. Bij Petrus is het zo duidelijk als wat: het is een enorme gunst dat hij wat mag betekenen voor de Heer. Maar misschien illustreert het wel een algemene regel: altijd wanneer je als mens door God voor vol wordt aangezien en je inzet en je talenten gehonoreerd worden, is dat een gunst van God. Het spreekt niet vanzelf dat wij, die zo vaak de fout ingaan, toch weer onze plek bij God en bij de mensen mogen innemen. Het zou goed zijn als wij dat vaker beseften. Wij leven in een tijd waarin men zijn neus ophaalt voor gunsten en met de vuist op tafel slaat: "Wij hebben rechten!" Is dat niet de heersende mentaliteit?"Het gevoel dat je recht hebt op een baan; en dat je je een goeie plek in het leven toeeigent als iets vanzelfsprekends? Dat is niet zo erg christelijk. In de navolging van Christus ga je het als een gunst ervaren dat je van God een plek krijgt in deze wereld, dat Hij je wil gebruiken, honoreren! Leef niet zo claimend; verbaas je er liever over als God je iets toevertrouwt. Iemand als Calvijn had daar oog voor. Hij vond het bijzonder, dat een dominee het Woord van God mag verkondigen, terwijl zo'n man toch ook maar "een of ander mensje is, uit het stof opgerezen" (Institutie boek IV, hoofdstuk 3, paragraaf 1)! Geld het niet van elk beroep dat een mens mag uitoefenen? Wees er verguld mee, zo verguld als dat jochie dat chauffeur van prins Willem-Alexander wordt!

Amen

N.B. Indien U een preek anders dan voor uzelf wilt gebruiken, stelt ds. van der Dussen een e-mailbericht aan hem op prijs. Wil hem ook vermelden als bron van de preek.